KPS Gilde

Column

Denkblokkades

Denkblokkades


In een discussie met een wethouder van een grote gemeente poneerde de man de stelling, dat er geen groter complexiteit denkbaar was dan het besturen van zo’n overheidsinstelling. Hij lichtte dit toe met voorbeelden van de omgang met de gemeenteraad, de ambtenaren en vooral de onvoorspelbare invloed van de media op de besluitvorming. In die zelfde week had ik een gesprek met de algemeen directeur van een ziekenhuis. Hij beweerde dat door de bemoeienissen van de centrale overheid, de invloed van de zorgverzekeraars, de rol van de medische specialisten, de eisen en wensen van patiënten, ziekenhuisstaf en verpleegkundigen en de snel veranderende medische technologie, hij zich geen organisatie kon voorstellen die complexer was dan een zieken huis. Niet lang daarna vertelde directeur van een internationale adviesorganisatie mij dat het managen van zijn professionals eigenlijk een onmogelijke taak was en de manager van een ontwerpafdeling van een multinational beweerde dat zijn job zo’n beetje het moeilijkste was dat ze je konden aandoen.

Als ik door de chaos van het centrum van Amsterdam loop, of door de gangen van een ziekenhuis, als ik al die eigenwijze en eigengereide adviseurs en ontwerpers voor de geest haal, dan heb ik de neiging om alle gelijk te geven, in die zin, dat ze met zeer complexe situaties te maken hebben. Tegelijkertijd bedenk ik echter dat deze vorm van denken een houding stimuleert met grote barrières om initiatief te nemen tot verbetering.

"Waar gaat het eigenlijk over en hoe kijkt men daar tegenaan?"
Veel mensen zijn er zich niet van bewust, dat ze in één of een beperkt aantal denkpatronen vast zitten. Daardoor leggen ze zich beperkingen op bij het vinden van nieuwe wegen of het vinden van oplossingen. Onze cultuur is ook sterk gefocust op tekortkomingen. Kritisch denken en zich beperken tot een zoektocht naar datgene wat fout is, beperkt echter de wezenlijke zoektocht naar vernieuwing. De meeste van ons worden in onze schooltijd en bij opleidingen geïndoctrineerd met logisch denken, maar in de praktijk blijkt dat die aanpak niet altijd het gewenste resultaat oplevert. Lineair denken (logica) leidt tot steeds verdere verdieping en bouwt met behulp van geaccepteerde wetmatigheden consequent voort op aannames en waarnemingen. Daardoor ontstaan echter denkblokkades, de uitgangspunten worden niet meer ter discussie gesteld en de eenmaal gekozen weg wordt niet snel meer verlaten. Het belang van “afleren en vergeten” is echter uiterst interessant. Het leidt tot verbreding van gezichtspunten en probeert vooringenomenheid en paradigma’s te ontdekken, opties open te houden en zo de wezenlijke vernieuwing te stimuleren.

In het streven naar verbetering heeft de mens normaal gesproken houvast nodig in de vorm van ‘meetbare’ gegevens en normen die aangeven wanneer iets ‘goed’ is. Deze gerichtheid op producten, processen, de mens en de organisatie wordt vaak via modellen benaderd. Een aanpak die reeds dateert van Pythagoras, de wetenschapper/filosoof die via mathematische wet¬ten de processen in de natuur probeerde te be¬schrijven. Een veel gemaakte fout daarbij, zowel in de geschiedenis van het denken als in de kwaliteitszorg is, dat de norm tot doel wordt verheven in plaats van hulpmiddel bij het verbeteren van een situatie. Behalve de resultaten moeten ook normen regelmatig ter discussie worden gesteld. Daarbij kan intuïtie niet gemist worden. Intuïtie is gebaseerd op onbewuste waarnemingen. Door een gevoelsmatige of intuïtieve beslissing te ontleden in afzonderlijke elementen kan een dieper inzicht ontstaan. Als een dogmatische manier van werken ontstaat en er geen ruimte overblijft tot alternatieve beslis¬singen, dan staat dit de vooruitgang in de weg. Elke theorie, filosofie of managementmethode die niet bekritiseerd en gerelativeerd wordt, wordt op den duur een dogma en zal zijn doel voorbijstreven.

Er zijn nogal wat publicaties verschenen over denkkracht en leren nadenken. Daarin wordt steeds nadrukkelijker de overtuiging verkondigd, dat creatief nadenken geen alledaagse bezigheid is, maar wel een handje kan worden geholpen. Helaas wordt met deze inzichten weinig gedaan. Iedereen blijft wel denken, maar slechts weinigen gaan nadenken.





Jan Maas